Open leeromgeving
Circulaire Viaducten en Bruggen

Vraagstukken

Illustratie SBIR

 

1. Vervanging & Renovatie opgave vanaf 2030 circulair!

Het Rijk heeft de ambitie om de economie van Nederland in 2050 volledig circulair te laten zijn, maar Rijkswaterstaat wil sneller. Vanaf 2030 wil het volledig circulair werken. Dit geldt dus ook voor het aanleggen, vervangen en renoveren van viaducten en bruggen. Een enorme uitdaging met een flinke urgentie en daarmee ook veel marktpotentie. Het moment van doen is NU!

Op dit moment zijn er nog geen “inkoopklare” werkwijzen of oplossingen voor de circulaire opgave. De SBIR Circulaire Bruggen en Viaducten moet hier verandering in brengen. Rijkswaterstaat wil bruikbare innovaties voor circulaire bruggen en viaducten laten ontwikkelen die het als launching customer kan toepassen in verschillende projecten.

2. Strategic Business Innovation Research

Strategic Business Innovation Research, kortweg SBIR, is een manier van inkopen waarmee de overheid innovaties in de markt stimuleert. Door het onderzoek- en ontwikkeltraject voor innovaties mee te financieren, geeft de overheid het innovatieve vermogen van de markt een boost. Zo kan SBIR echt bijdragen aan het oplossen van maatschappelijke vraagstukken.
Een SBIR-traject werkt als een gefaseerde competitie. Per fase gaan steeds de ondernemingen (of consortia hiervan) met de beste plannen door.

3. Open leeromgeving

De Open Leeromgeving Circulaire Viaducten & Bruggen is een initiatief van De Bouwcampus en Rijkswaterstaat naar aanleiding van het eerste circulaire viaduct bij de Reevesluis. Met 60 deelnemers van marktpartijen, overheden en kennisinstellingen hebben we kennis en ervaringen uitgewisseld over circulair bouwen, waardoor we weten wat we nu al circulair kunnen uitvragen en op welke terreinen er nog innovaties nodig zijn. Als vervolg gaat Rijkswaterstaat bedrijven actief ondersteunen bij het uitwerken en doorontwikkelen van deze innovaties. Hiervoor wordt de zogenoemde Strategic Business Innovation Research (SBIR) regeling benut.

4. Scope SBIR Circulaire bruggen en viaducten

Via de SBIR Circulaire Bruggen en Viaducten worden er tegelijkertijd meerdere oplossingen door verschillende partijen ontwikkeld. Hierdoor wordt zowel de markt als het aantal ‘voorhanden’ zijnde oplossingen vergroot. De innovaties worden als eerste toegepast in een aantal projecten die van tevoren bekend zijn gemaakt. In deze projecten vindt dan ook meteen de validatie plaats.

De eerste SBIR- oproep richt zich specifiek op viaducten over (rijks)wegen. Dit is één objecttype binnen de Vervanging- en Renovatie opgave van Rijkswaterstaat. Voor de andere objectcategorieën onderzoekt de sector in 2020 of de SBIR-methode bijdraagt aan de ontwikkeling van circulaire oplossingen. Dit betreft:
- Bruggen en viaducten in (rijks) wegen
- Vaste (stalen) bruggen
- Beweegbare bruggen
- Knooppunten
- Onderdoorgangen
- Ecoducten

5. Onafhankelijke commissie en beoordelingscriteria

Een onafhankelijk expert-panel beoordeelt per fase de offertes en projectplannen, waarna de geselecteerde partijen een opdracht krijgen voor de betreffende fase. Voor zowel fase 7 als fase 8 gelden de volgende criteria:
1. Impact

2. (Technische) Haalbaarheid
3. Economisch perspectief
4. Prijs (geldigheid)

De geoffreerde prijs voor het uitvoeren van het haalbaarheidsonderzoek en de ontwikkeling van de prototypes mag niet hoger zijn dan het in de SBIR-oproep gestelde maximumbedrag.

De criteria worden de komende maanden in samenwerking met partijen uit de Open Leeromgeving nog verder verfijnd.

6. Offerte

Om deel te kunnen nemen aan een SBIR reageren partijen op de uitvraag door een offerte met mogelijke oplossing in te dienen. Zij krijgen de mogelijkheid om het voorstel te presenteren aan de opdrachtgever.

Fase 7: Haalbaarheidsonderzoek

In de eerste fase krijgen de bedrijven met de beste offertes de opdracht om een betaald haalbarheidsonderzoek te doen. Na advies van de beoordelingscommissie besluit(en) de opdrachtgever(s) welke projecten een opdracht krijgen voor de volgende fase: de prototypes.

Fase 8: Prototypes

In de tweede fase voeren de geselecteerde bedrijven een onderzoeks- en ontwikkelingstraject uit tegen de afgesproken prijs. Het eindresultaat: een getest prototype.

Voor beide fases geldt: de hoogte van de vergoeding komt overeen met het offertebedrag.

9. De innovatie vermarkten – Rijkswaterstaat als launching customer

In de derde fase maken de bedrijven hun product klaar voor de markt. Rijkswaterstaat is volgens de procedure niet verplicht om de innovatie af te nemen, maar streeft hier als launching customer voor duurzame transities wel naar. De volgende stap na de SBIR is de validatiefase: van non-proven technology naar proven & safe technology. Dit ziet Rijkswaterstaat ook als een fase die bij de SBIR hoort en vanuit de opdrachtgever moet worden ondersteund.

Intellectuele eigendomsrechten en licentie

De intellectuele eigendomsrechten van de innovatie blijven bij de ontwikkelende partij, echter de toepassing ervan kan via een licentie ook door een derde partij gedaan worden. Zo kan de innovatie vaker bij een opvolgende aanbestedingen worden benut. De eigenaar van het intellectueel eigendomsrecht ontvangt hier dan een vergoeding voor, die steeds lager wordt naarmate de licentie vaker wordt afgenomen. Uiteindelijk resulteert dit in een vrij overdraagbare licentie.


Download hier de SBIR-leaflet met meer informatie


Deel deze pagina